Anti-jacht

De Veluwse jacht is een bloedbad

Elk jaar worden op de Veluwe gemiddeld 5000 beschermde dieren door jagers gedood. 3500 wilde zwijnen en 1500 edelherten worden onder het mom van faunabeheer afgeschoten. In dit artikel wordt uitgelegd hoe het kan dat er jaarlijks duizenden dieren worden gedood, wat de gevolgen hiervan zijn, en waarom de jacht eerder tot meer dan tot minder dieren leidt.

Flora en Faunawet
In 2002 werd in Nederland de Flora- en faunawet (FFW) ingevoerd, deze wet kwam er als vervanging van onder andere de Natuurwet en de Jachtwet. In de FFW staat bijvoorbeeld dat wilde zwijnen, edelherten, damherten en reeën beschermde diersoorten zijn. De FFW regelt naast de bescherming van dier- en plantensoorten ook het zogeheten faunabeheer. In de praktijk gaat faunabeheer voornamelijk over jacht; van preventieve maatregelen en alternatieven voor jacht wordt binnen het faunabeheer zeer weinig gebruik gemaakt. Om meer te lezen over de Flora- en Faunawet en wet- en regelgeving rond faunabeheer klik hier.

Faunabeheereenheden en Wildbeheereenheden
De FFW verplicht de provinciale overheid om een plan te maken over de aanpak van faunabeheer. De provincie besteedt deze taak uit aan de Faunabeheereenheid (FBE). De FBE is een private stichting die gevormd wordt door jagers en terreinbeheerders. Zij schrijven gezamenlijk het Faunabeheerplan. In dit plan is vastgesteld hoeveel dieren er (volgens de FBE) in een gebied kunnen leven: de zogeheten streefstand. Dit Faunabeheerplan wordt vervolgens door de provincie (vaak zonder al te veel op- en aanmerkingen) goedgekeurd. En elk jaar vraagt de FBE de benodigde vrijstellingen bij de provincie aan om de wettelijk beschermde dieren te mogen doden. Deze vrijstellingen schuift de FBE dan door naar de zogeheten Wild Beheer Eenheden (WBE’s) die in de regio actief zijn. Een WBE is eigenlijk gewoon een jagersvereniging met een mooie naam, een samenwerkingsverband tussen jagers, jachthouders en jachtopzieners. De WBE is verantwoordelijk voor het afschot van de dieren, maar doet bijvoorbeeld ook de wildtellingen waar het afschotcijfer op gebaseerd is.

Streefstanden en natuurlijke standen
In het faunabeheerplan staat dus vastgesteld hoeveel dieren er in een gebied mogen leven, de streefstand.Officieel wordt er een plan gemaakt waarin de draagkracht van het gebied wordt berekend (de draagkracht is het aantal dieren dat er kan leven zonder het gebied te beschadigen) maar in de praktijk blijkt dat het vaak nogal nattevingerwerk is. De streefstanden liggen veel lager dan het aantal dieren dat er daadwerkelijk in het gebied kunnen overleven. In veel gevallen blijkt de natuurlijke stand (de hoeveelheid dieren die er in een natuurlijke situatie kunnen leven) 3 of 4 keer hoger te liggen dan de streefstand. De bizar lage streefstanden leiden er toe dat op sommige plaatsen elk jaar 70% tot 80% van de wilde zwijnen wordt afgeschoten.

Lokvoeren en bijvoeren
Hoewel het wettelijk verboden is, worden de wilde dieren op de Veluwe op grote schaal bijgevoerd. Volgens de FFW is het toegestaan om kort voor de jacht en tijdens de jacht dieren te lokken met kleine hoeveelheden voer, dit heet lokvoeren. Bijvoeren is wettelijk verboden omdat het ervoor zorgt dat de draagkracht van een gebied groter wordt, waardoor er meer dieren kunnen overleven dan in een natuurlijke situatie mogelijk is. Hierdoor neemt de druk op het natuurgebied en de omliggende gebieden toe. In de praktijk blijkt echter dat bijvoeren door jagers op grote schaal gebeurt. Er worden letterlijk kilo’s mais, aardappelen en zelfs varkensvoer door jagers het bos in gesleept.

De gevolgen van afschot
Hoewel je zou denken dat het afschieten van zoveel dieren er toe zou leiden dat er binnenkort geen beest meer op de Veluwe loopt, is het effect ervan juist het tegenovergestelde: er komen meer beesten bij. Het werkt als volgt: Jagers proberen om het grootste deel van de dieren die afgeschoten dienen te worden al vroeg in het jachtseizoen af te schieten, het liefst vóór oktober. In oktober vallen de eikels en beukennootjes van de boom, dit heet de mast. De mast vormt een belangrijk deel van het herfst- en wintervoedsel van wilde zwijnen (en in mindere mate ook van herten). Daarnaast wordt er in het gebied door de jagers (bijna) structureel voer verspreid (het illegale bijvoeren).  Wat er dus ontstaat, is een kleine populatie dieren in een gebied met een hoog voedsel aanbod. Daarnaast hebben de dieren te maken met een enorm hoge sterfte (door de jacht). Deze beide factoren leiden er toe dat de dieren een verhoogde voortplantingsprikkel krijgen. Ze gaan zich als gekken voortplanten om hun soort te redden, en het voedseloverschot te verwerken. In de lente worden er dan heel veel jongen geboren, om het gat dat ontstaan is op te vullen.

Om het iets duidelijker te maken, de volgende cijfers:
Normaal gesproken krijgt een wild zwijn-vrouwtje (zeug) 1 tot 2 jongen (gemiddeld 1,4). Als er een voedseltekort is, krijgen zwijnen minder of soms helemaal geen jongen, er is dan een verlaagde voortplantingsprikkel. In Nederland ligt het gemiddelde aantal jongen per zeug op 5,4 (meer dan 3 keer zoveel als normaal). Hoewel minder erg dan bij wilde zwijnen is ook bij reeën en edelherten in Nederland de voortplantingsprikkel verhoogd.Op deze manier zorgt de jacht er dus voor dat er meer dieren bij komen, in plaats van minder. De jagers stellen op deze manier het voortbestaan van hun sport zeker, door er voor te zorgen dat ze altijd meer dan genoeg te schieten hebben .Naast de verhoogde voortplantingsprikkel leidt de jacht ook tot een verstoorde populatie. Edelherten en wilde zwijnen zijn namelijk zeer sociale dieren. Ze leven in groepen waarin sociale structuren een belangrijke rol spelen. Als je meer wilt lezen over hoe jacht leidt tot een verstoorde populatie, klik hier.

Ook de dieren die niet door de jagers gedood worden hebben te lijden onder de jacht. De jacht verstoort het natuurlijke gedrag van dieren, en leidt er toe dat ze bijvoorbeeld minder tijd besteden aan eten, zich overdag niet meer durven te laten zien of uit angst hun leefgebied verlaten. Als je meer wilt lezen over hoe jacht het gedrag van dieren beïnvloedt, klik hier.

Oproep aan Geldersch Landschap en Nationaal Park de Hoge Veluwe: Stop de commerciële jacht!

Maak de Veluwe jachtvrij Op 1 juli begint het jachtseizoen op de Veluwe. Dit betekent dat zwijnen en edelherten tot februari 2014 vogelvrij zijn, want maar liefst 80% van alle zwijnen en 60% van alle edelherten wordt in deze maanden afgeschoten. Onder het mom ‘faunabeheer’ wordt de ecologie van het gebied zwaar verstoord. Meest opvallend […]

Groenfront! Anti-jacht Kampeerweek

Groenfront organiseert als onderdeel van de lopende anti-jacht campagne in de periode van zaterdag 3 t/m zondag 11 augustus een kampeerweek. Tijdens deze week worden er vanuit een basiskamp, nabij de Veluwe, anti-jacht acties georganiseerd over de gehele Veluwe. Door middel van GPS speurtocht gaan we zo veel mogelijk jachthutten en andere jachtobjecten op diverse […]

GroenFront! lanceert Jachtkaart.nl

Op www.jachtkaart.nl vind je de voor veel wandelaars en natuurliefhebbers verborgen wereld van de jacht. Wij hopen die zo zichtbaar te maken voor iedereen. De kaart is nog niet volledig. Jachthutten worden soms verplaatst door jagers, of onklaar gemaakt door natuurliefhebbers. Soms worden er nieuwe jachthutten of voederplaatsen bijgeplaatst. Je kunt mee helpen deze kaart […]

GroenFront! gaat bosgebied bij Apeldoorn doorzoeken op jachthutten.

GroenFront! gaat bosgebied bij Apeldoorn doorzoeken op jachthutten. *UPDATE: Locatie bekend!* GroenFront! organiseert op zondag 16 december een GPS speurtocht in het bosgebied tussen Apeldoorn, Hoenderloo en Beekbergen. Doel is om zoveel mogelijk jachthutten toe te voegen aan jachtkaart.nl. Op deze website staan door wandelaars gemelde jachthutten. Met de kaart wil GroenFront! de jacht op […]

Geslaagde dag jachthut spotten

Een geslaagd dagje jachthut spotten ten zuiden van Apeldoorn. 21 nieuwe meldingen op www.jachtkaart.nl en daarmee zijn we de 400ste melding ver voorbij. (we krijgen er gemiddeld 2 per dag). We hebben 7 km2 kunnen doorzoeken. We vonden bijna geen jachthutten in de bospercelen van Staatsbosbeheer, en heel veel jachthutten en bijvoerplaatsen in de percelen […]