Betuwelijn

Wetenschappers kijken terug op Slag om de Betuwe

Wetenschappers kijken terug op Slag om de Betuwe

In december 2001 kwam het evaluatierapport over de ontruiming van 8 kraakpanden van GroenFront! uit. Het evaluatierapport werd geschreven door de Universititeit Twente in opdracht van de politie. Ondanks deze opdrachtgever vonden wij het een gedegen en kritisch rapport van ruim 130 pagina’s. Ook kritiek op politie en inlichtingendiensten worden in dit openbare rapport niet geschuwd.
Hier volgt een recensie van het rapport door twee GroenFront! activisten die beiden als contactpersoon tussen activisten en politie fungeerden.

Naast de beschrijving van de ontruiming zelf wijden de onderzoekers uit over de theorie achter rellen en andere confrontaties met de politie.En dat maakt het boekwerkje een aanrader voor iedereen die wel eens te maken heeft (of zal hebben) met een ontruiming.
De onderzoekers leggen uit hoe de politie georganiseerd is bij een dergelijk groot optreden, wat voor hen de dilemma’s en de praktische problemen zijn. De onderzoekers doen ook haarfijn uit de doeken hoe onbenullige gebeurtenissen een vreedzame confrontatie in een rel kunnen laten uitmonden.Ze wijten dat vooral aan de sociale verschillen tussen de twee groepen en het sterke vijandsbeeld dat aan beide kanten overheerst. Een sterk voorbeeld wat verschillende keren aangehaald wordt is een incident waarbij de ME enkele GroenFronters aanvielen die in de buurt kwamen van het kraakpand in Meteren, hoewel ze slechts wat spullen op kwamen halen bij een buurtbewoonster. Omdat de inlichtingendienst voorspelt had dat reltrappers de kraakpanden zouden komen ontzetten begrepen de betrokken ME-ers niet dat de activisten niet kwamen voor een rel.

Het onderzoek is naast openbare bronnen als de websites van GroenFront! en Ravage, en de media gebaseerd op gesprekken met politiemensen, buurtbewoners, NS personeel en 4 GroenFronters.
Dat laatste was zeker geen onomstreden feit. Veel GroenFront! activisten waren (en zijn) er fel op tegen dat er mee gewerkt zou gaan worden aan een onderzoek in opdracht van de politie.
De vraag is natuurlijk ook of je zo niet teveel informatie vrij geeft over de strategie en tactieken van GroenFront! Zeker als je weet dat het rapport gebruikt gaat worden om de bestrijdingsmethode van de autoriteiten tegen GroenFront! te verbeteren.
De reden voor 4 GroenFronters om het gebruikelijke stilzwijgen enigszins te doorbreken was de overtuiging dat als je iets van je zelf laat zien (zonder strategische informatie weg te geven) het politieapparaat minder makkelijk een vijandsbeeld van je neer kan zetten en dus minder makkelijk hard op zal treden.Of om een van de 4 activisten te citeren; ‘ik wil ze mijn eigen visie van het verhaal geven omdat ze anders alleen uitgaan van de verhalen van de politie en de pers’. Als de politie niet weet wat ze van ons kunnen verwachten zullen ze waarschijnlijk uitgaan van hun eigen bekrompen ideeën over activisten ( ‘stenengooiers’ en ‘langharig werkschuw tuig’ en zo…). Na het rapport gelezen te hebben vinden wij deze aanpak redelijk geslaagd. De meeste ‘strategische’ informatie van de onderzoekers komt uit bronnen die GroenFront! bewust naar buiten heeft gebracht. Wat vooral uit de interviews wordt gebruikt is de interactie tussen politie en activisten. Ook lukt het om een aantal leugens van media en politie recht te zetten. Desondanks blijven veel andere GroenFronters medewerking aan dergelijke rapporten principieel afkeuren.

Er staan een aantal wetenswaardige zaken in het rapport die nog niet eerder naar buiten waren gekomen.
De rol van het CICI (Centraal Informatie en Coördinatiepunt Infrastructurele projecten), een samenwerkingsproject van 8 politie inlichtingendiensten (RID) en de BVD komt in het hele rapport steeds aan het licht. En die rol kan op z’n minst dubieus worden genoemd.
De onderzoekers bekritiseren de nauwe banden tussen de NS en het CICI. Deze twee clubs blijken op regelmatige basis bij elkaar te komen waarbij de NS informatie verstrekt over de bouwplannen op de Betuwelijn en het CICI vertelt waar tegenstanders van die lijn mee bezig zijn. De chef van het CICI, de Nijmeegse RID-er Herman Oolbekkink, lijkt een persoonlijke rancune tegen GroenFront! te hebben. In gesprekken tussen de Burgemeesters en de NS herkent een ambtenaar achteraf Oolbekink als een van de delegatieleden namens de NS. Hij had zich in dit gesprek niet voorgesteld als politieman. Volgens de burgemeester schetste Oolbekkink hier een beeld van GroenFronters als ‘zeer bedreigend’ en ‘gevaarlijke typen’ waarmee ‘korte metten’ moet worden gemaakt. Een beeld wat de burgemeester gezien zijn eigen informatie als zeer ongeloofwaardig over kwam.
Ook lijkt het er op dat het hobbyclubje van Oolbekink het verzet van GroenFront! als massaler en gewelddadiger had ingeschat dan dat er daadwerkelijk plaatsvond, en niet had gerekend op de, volgens verschillende politiemensen ‘suïcidale vasthoudendheid’ van GroenFronters die zich hadden verscholen in tunnels en bunkers.
De onderzoekers beschrijven ook waar de politie zijn informatie vandaan had.
Naast de waarnemingen van de plaatselijke politie, de media en internet werden ook informanten gebruikt. Verder werden ook de politieonderhandelaars die gesprekken hadden met activisten gevraagd informatie door te geven.
Herman Oolbekink was tijdens de ontruiming de Chef Info, en als zodanig een belangrijke adviseur voor de korpsleiding tijdens de ontruimingen.
De politie blijkt op advies van het CICI, al ver voor het kort geding begonnen aan de voorbereiding van de ontruimingsactie. Ook blijkt het CICI aan de NS het advies te hebben gegeven om zolang mogelijk te wachten met de ontruimingen.
Via CICI krijgt de politie te horen dat de NS van plan is om een kort geding aan te spannen. Curieus is dat de politieleiding hiermee hun ‘bazen’, de burgemeesters van de betrokken gemeenten, passeert. Zij horen pas in een later stadium van de dan al vrij concrete plannen van de politie. De reden hiervoor lijkt dat de politie de burgemeesters niet vertrouwd. Zij staan bekend als anti-betuwelijn en zijn daarom niet blij met een ontruiming. Zeker gezien het feit dat zij de NS verwijten ‘niet democratisch bezig te zijn’ ‘gentleman agreement te schenden’ en in het algemeen arrogant op te treden. De burgemeesters verwijten het de NS ook dat ze nu krakers in hun gemeente hebben. Als de NS beter had opgelet had dit niet hoeven te gebeuren, menen de burgemeesters. Want al hoewel ze fel tegen de Betuwelijn zijn, en wel sympathie hebben voor de GroenFront! krakers, zien ze ze liever zo snel mogelijk weer vertrekken.
Als de burgemeesters na het kort geding nog een keer willen proberen de GroenFronters te overtuigen de panden te verlaten door een persoonlijk gesprek stuit dat op grote bezwaren van de politie. Die zijn bang dat de burgemeesters te veel contact en daardoor sympathie krijgen voor de krakers en daardoor later niet meer hardere maatregelen zouden kunnen nemen. Als de burgemeesters hun zin doorzetten eist de politie dat ze ‘gecoacht’ worden door de politie.

Behalve aan de politie lijken de onderzoekers ook GroenFront! tips te willen geven. Zo werd de relatie tussen de buurtbewoners en GroenFront! activisten onderzocht. Volgens het rapport reageerden de buurtbewoners in eerste instantie tweeslachtig op de activisten. Hoewel ze hun hekel aan de NS en het radicaal afwijzen van de Betuweroute delen, wordt er een grote ‘sociale kloof’ geconstateerd (‘ze hebben geen gordijnen hangen en ze zien er raar uit’.) Door met flyers hun bedoelingen uit te leggen en buurtbewoners aan te spreken weten de activisten in Meteren en Zetten Andelst het ijs te breken.

Ook behandeld het rapport de mediaoorlog die is uitgevochten tussen de politie en GroenFront!. Door de activisten is er een media offensief is opgezet in de aanloop van de ontruiming. Het doel daarvan was om aan de politie duidelijk te maken dat GroenFront! activisten geweldloos zouden blijven tenzij de politie mensen in gevaar zou brengen, en dat de politie erg voorzichtig te werk zou moeten gaan omdat mensen zich op gevaarlijke plekken zouden bevinden tijdens de ontruiming. Dat media-offensief blijkt een niet geringe uitwerking te hebben gehad op de autoriteiten, vooral gezien het feit dat zij erg onzeker waren over het maatschappelijke en bestuurlijke draagvlak voor hun optreden. Hoewel veel politiefunctionarissen voor een harde aanpak waren werd er toch gekozen voor een strategie die zoveel mogelijk risico’s wilde vermijden voor zowel politiemensen als activisten. Ook werd besloten een eigen media offensief te starten. Dit had tot doel de politie ‘professioneel’ over te laten komen en mede daardoor te voorkomen dat zij de schuld zou krijgen mocht het toch mis lopen. Dat de pers daarbij in de watten werd gelegd kreeg achteraf veel kritiek.
Het media offensief werd ondersteund door een brief die namens de bezetters in Meteren en Zetten Andelst via advocaat Erik Hummels werd gestuurd aan de burgemeesters. In die brief werd gevraagd om een gesprek en een vast contact met de politie tijdens de ontruiming. Ook werd nogmaals uiteengezet dat de doelstelling was een vreedzame confrontatie aan te gaan. Hierdoor werd bij de politie hun laatste argwaan over de vreedzame strategie van GroenFront! opzij gezet.
Een minpuntje van het rapport vinden wij dat er vooral aandacht wordt besteed aan de moeite die de politie deed om een geweldloze confrontatie te verzekeren. We willen hier toch wel even melden dat dit gebeurde op initiatief van de GroenFront! activisten.
Het rapport maakt dit echter weer een beetje goed door te concluderen dat zelfs bij de wat agressievere verdediging van de Boze Wolf de activisten zich strikt geweldloos opstelden, maar dat sommige politiemensen (buiten het zicht van de camera’s) zich bij alle panden toch schuldig maakten aan geweld. De onderzoekers wijten dit onder meer aan het sterke vijandsbeeld over krakers dat leeft bij veel ME-ers en de slechte voorbereiding vanuit de politie (de meeste ME-ers kregen pas die ochtend te horen dat ze niet mochten meppen). De 92 GroenFront! activisten wisten zich veel beter te gedragen.

Het interessantste stuk uit het rapport gaat over de drieledige relatie tussen activisten en politie. Meestal wordt de relatie tussen politie en actievoerders vooral in 1 dimensie gezien, waarbij politie en actievoerders worden gezien als elkaars tegenstanders. Activisten en politie wantrouwen elkaar en er wordt informatie achtergehouden.
Behalve tegenstanders zijn de politie en activisten echter ook afhankelijk van elkaar.
Als beide partijen geweld willen vermijden, worden zij afhankelijk van de mate waarin de ander te vertrouwen is. Dit houdt in dat al die handelingen die een andere indruk wekken, zoveel mogelijk gemeden moeten worden. Daarmee wordt de andere partij echter kwetsbaar in het geval de ander zich niet aan de afspraak blijkt te houden.
Ook wil iedere partij de eigen symbolische orde zoveel mogelijk in stand houden. De afspraken ter vermijding van risico’s gaan niet zover dat de activisten hun verzet willen opgeven.Anderzijds moet het imago van de politie in stand worden gehouden. Benadrukt wordt dat de onderhandelingen met de activisten passen in de professionele opstelling maar dat mag niet zo ver gaan dat het optreden van de politie in de pers zal worden beschreven als door de activisten gedicteerd.

Naast die van oppositie en afhankelijkheid is er nog een derde dimensie. Achter de eigenlijke ontruiming gaat een strijd schuil, waarin beide partijen een beeld over zichzelf en hun optreden presenteren. Daarbij zijn ook de pers, omwonenden of lokale bestuurders relevant. Hier zijn de politie en activisten concurrenten van elkaar. Noch de politie, noch de activisten wil later aangewezen worden als de verantwoordelijke voor een eventuele escalatie van geweld of het ontstaan van incidenten.
Voor zowel politie als activisten, is het een moeilijke opgave om elkaar behalve als tegenstander, ook te zien als concurrent en wederzijds afhankelijk.
Vertrouwen en wantrouwen, informatie en desinformatie, geweld of geen geweld, alles loopt dan door elkaar.

Het rapport concludeert dat de in de Betuwe gekozen aanpak aanbeveling verdient. Maar ondanks dat hoewel veel politiefunctionarissen tevreden terug kijken op de gekozen aanpak vinden zij dat er bij een volgende confrontaties ‘ harder en pro-actief’ moet worden opgetreden. Iets dat bij vervolg acties van GroenFront! duidelijk te merken was en de onderzoekers verbaast. Volgens veel politiefunctionarissen betekent dit dat er vooral gewerkt moet worden aan een ‘betere informatievoorziening’ (lees: meer spionage door het CICI).
De onderzoekers waarschuwen voor een dergelijke aanpak. Het zal de verwevenheid tussen politie en de NS nog groter maken en daarmee de onafhankelijke positie van de politie uithollen. Ook twijfelen ze aan de (maatschappelijke en juridische) legitimiteit van meer ‘ proactieve informatievoorziening’. Bovendien kunnen activisten dan geneigd zijn om hardere en meer ondergrondse methoden te hanteren. Daarnaast zullen de mogelijkheden om een gewelds-escalatie door middel van onderling contact te voorkomen dan verminderen.
Een brief met aanbevelingen voor de twee politieregio’s is nog in de maak en komt begin februari uit. Evenals het rapport is dat advies openbaar.

Het rapport is te bestellen bij:

IPIT, Universiteit Twente
Postbus 217
7500 AE Enschede
ipit@bsk.utwente.nl

Rechtzaken over blokkades bij opening Betuwelijn

Natuur boven economische groei Morgen -vrijdag 14 september- moeten vier activisten voor de politierechter verschijnen vanwege de blokkade van de eerste trein over de Betuwelijn. Sympathisanten worden opgeroepen om naar de zitting te komen als blijk van steun. De zitting begint om 09:00 uur op Steegoversloot 36 in Dordrecht. Enkele andere activisten hebben recentelijk een […]

GroenFront! blokkeert eerste trein Betuweroute

Natuur boven economische groei BARENDRECHT – GroenFront! heeft de eerste trein over de Betuweroute geblokkeerd. Op het 160 kilometer lange trace zijn op verschillende locaties in totaal 6 blokkades opgeworpen. De symbolische openingstrein kon niet meer dan enkele honderden meters van de 160 km over de Betuweroute rijden. GroenFront! heeft in het verleden een felle […]

Aktiekamp Betuwelijn Dood Spoor

Aktiekamp Betuwelijn Dood Spoor 12-18 september 1999, Zetten-Andelst Het kamp vindt plaats in de door GroenFront! gekraakte panden aan de Wageningstraat 29, ca. 200 meter van het station op de lijn Tiel-Arnhem en direct bij een A15 afslag voor de lifters. Het programma begint op zondag 18.00 uur met een overzicht van het programma en […]

Meer bezette panden Betuwe

Op 16/2 kregen de GroenFronters! in Meteren een tip over een grote, dure villa bij Vuren (bij de A15 r. Leerdam) die kortgeleden door de NS gekocht was en op 18/2 gesloopt zou worden, een dag nadat de bezwaartermijn zou sluiten. De dag daarna is een kleine groep activisten meteen op pad gegaan en heeft […]

Bezetting NS Railinfrabeheer

feb ’99 – Bezetting NS Railinfrabeheer Dertig activisten van GroenFront! betraden maandagochtend 15 februari via de binnenplaats vrij eenvoudig het immense bakstenen gebouw van NS Railinfra-beheer aan het Moreelse Park te Utrecht. Daar ging men op zoek naar het kantoor waar de aanleg van de Betuwelijn wordt voorbereid, met de bedoeling dit te bezetten. Na […]

Het aktiekamp in Meteren

jan ’99 – Het aktiekamp in Meteren Vrijdag 29/1 hebben vijftig aktivisten van Groen Front twee panden aan de Achtersteweg in Meteren (in de buurt van Geldermalsen) gekraakt. Deze panden liggen op de route van de Betuwelijn en zijn bezet om te protesteren tegen de aanleg van deze lijn. Het is de bedoeling om van […]