Een lieve klimaattop, met Shell en Greenpeace die elkaar de hand schudden en tal van mooie plannen. Win win deals. Klimaat als kans. Zo zien politiek , bedrijfsleven als een groot deel van de milieubeweging het graag.

Veel van onze vrienden uit de klimaatbeweging vinden het niet leuk om te horen. Maar klimaatverandering onder de twee graden houden, laat staan de anderhalve graad die we onszelf beloofd hebben in Parijs, gaat extreem moeilijk worden. Denken dat we deze wereld draaiend kunnen houden op zonnecellen en windmolens is luchtfietserij. Net als dromerij over duurzame energie die zo goedkoop wordt dat het fossiel vanzelf wegvaagt. Of dat door simpelweg CO2 belasten alles plotsklaps beter wordt. Scenario’s die uitgaan van een snelle omwenteling naar 100% duurzame energie in slechts 20 jaar zijn gebakken lucht. Net als de droom dat we een nette omwenteling gaan krijgen, via VN-verdragen en energieakkoorden. Zonder dat fossiele energiebedrijven en hun medewerkers met hand en tand hun belangen verdedigen. En zonder chaos en bloedvergieten. Het is allemaal erg onwaarschijnlijk. En omdat het erg onwaarschijnlijk is krijgen ‘wij’ als milieubeweging vaak terecht het verwijt dat onze plannen niet realistisch zijn. Door kritische journalisten, rechtse politici of door de mensen bij Shell en Uniper. En ja ze hebben een punt. Een westerse welvaartsmaatschappij met economische groei draaiende houden zonder de wonderbaarlijke voordelen van olie, gas en kolen kon wel eens onmogelijk blijken. Zeker als we de neokoloniale verhoudingen kwijt raken en de rest van de wereld ook mee kan doen. Een snelle omwenteling zonder tegenstand, zonder mislukkingen, zonder nadelen en erg hoge kosten? Wishfullthinking.

Maar het ding is… deze criticasters zien een andere realiteit over het hoofd. Klimaatverandering boven de 2 graden laten komen is even onrealistisch. Het is een onmogelijkheid om een welvaartsstaat met een groeiende economie in stand te houden boven de 2 graden. En als we alle toezeggingen uit Klimaatakkoord waar weten te maken, zitten we voor 2100 op de 3,5 graden opwarming.

Elke graad opwarming is 5 tot 10% minder voedsel uit enkele van de graanschuren van deze wereld, terwijl een steeds welvarender en groeiende groep mensen meer en luxer voedsel wil.
3,5 graden betekent een verzekeringsindustrie die recordverlies na recordverlies draait door droogtes, extreme stortbuien en bosbranden. Het betekent het verdrogen van het Middellandse Zeegebied dat afhankelijk is van water voor toerisme en landbouw. Het gaat kwetsbare gebieden in het Midden-Oosten, Zuidoost-Azië en Afrika onder een intense druk zetten. Het Pentagon beschouwt klimaatverandering als een threat multiplier op een planeet die op veel plekken toch al geplaagd word door conflict en de neiging elke vreemdeling als een vijand te zien. En het betekent aan het eind van deze eeuw enkele meters zeespiegelstijging. Daar gaan we zelfs in het rijke Nederland last van krijgen. Wat te denken van de dichtbevolkte delta’s van de Nijl en Bangladesh?

Het is in bovenstaande wereld dat deze rechtse dromers denken dat er nog steeds economische groei mogelijk is, dat hun aandeelkoersen zullen stijgen, dat de westerse hegemonie in stand blijft en ze de mensen die ze op drift hebben gejaagd buiten de deur kunnen houden. Wishfullthinking. Luchtfietserij. Doe ’s effe rationeel en realistisch. Dromers.

In essentie leven een groot deel van de criticasters van de milieubeweging evenals een groot deel van de milieuactivisten met hun hoofd in dezelfde roze wolk. Ze denken dat hun relaxte westerse levenstijl tot in het oneindige volgehouden kan worden en een godgegeven recht is. Dat er geen natuurlijke grenzen zijn voor de westerse variant van de Homo sapiens. Blijkbaar is de realiteit onder ogen zien lastiger dan afstand doen van het dogma dat onze manier van leven de enige realiteit is. Het is de ideologie van de status quo. Accepteren dat we veel van de geboekte vooruitgang in welvaart en comfort op moeten offeren blijkt moeilijk.

Het wordt tijd dat de milieubeweging begint een eerlijk en realistisch verhaal te vertellen. Dit verhaal gaat over het bloed, zweet en tranen die de transitie ons zal kosten – maar we kunnen niet anders. We staan met onze rug tegen de muur. Een verhaal over een keiharde strijd tegen een elite die de fundamenten van ons voortbestaan bedreigd – want we kunnen niet anders. We staan met onze rug tegen de muur. Een verhaal over een nieuwe toekomst, minder comfortabel, maar wel realistisch, met meer harmonie voor elkaar en voor de rest van de wereld. Een wereld die de strijd waard is.